Het beginsel: geen juridische dwang op zich
De toepassing van normen is op zich aan geen enkele juridische dwang onderworpen. Een norm is een technisch document opgesteld bij consensus, gepubliceerd door de nationale normalisatie-instelling, en de naleving ervan behoort in beginsel tot ieders keuze.
Dat verklaart een situatie die vaak verwart: een Belgische norm kan bestaan, nauwkeurig zijn en ruim worden gevolgd, zonder dat iets tot toepassing verplicht. Dat is bijvoorbeeld het geval voor de Belgische meetnorm voor oppervlakten, behandeld in de gids over de bouwkosten per m².
Dat beginsel heeft evenwel een beperkte draagwijdte, want het kent twee structurele uitzonderingen.
Eerste mechanisme: de reglementaire verwijzing
Een bindende regelgeving, wet of koninklijk besluit, kan naar een norm verwijzen. De norm krijgt dan de kracht van de tekst die haar aanhaalt.
In dat geval krijgt de norm het bindende karakter dat zij ontleent aan de regelgeving die ernaar verwijst. Het is niet de norm die verplicht, het is de tekst die haar aanhaalt.
Het praktische gevolg is belangrijk: weten of een norm geldt, veronderstelt de teksten te kennen die haar aanhalen, en niet de norm zelf te onderzoeken. Eenzelfde norm kan dus in het ene domein verplicht zijn en in het andere facultatief.
Tweede mechanisme: de contractuele verwijzing
Het tweede mechanisme komt in de bouwpraktijk nog vaker voor. Het betreft de contractuele aanhaling.
Het Belgische recht erkent de bindende kracht van rechtsgeldig gesloten overeenkomsten tussen partijen. Verwijzen partijen uitdrukkelijk naar een norm in hun overeenkomst, dan kunnen zij ze later niet negeren onder het voorwendsel dat het naleven van een norm vrijwillig is.
Met andere woorden, een norm aanhalen in een bestek, een opdracht of een contract volstaat om ze tussen de partijen bindend te maken. De kracht komt dan van het contract en niet van de norm zelf.
Daarvoor volstaat het het nummer van de norm en het jaartal te vermelden. Die korte vermelding brengt een volledig contractueel gevolg mee, wat aan bod komt in het artikel over de norm aangehaald in vergunning of bestek.
Wat gebeurt zelfs zonder verwijzing
Dit is het slechtst begrepen punt, en het nuanceert het uitgangspunt sterk. Het betreft de gelijkwaardigheid van oplossingen.
Belgische normen, gehomologeerd of geregistreerd, gelden juridisch als regels van de kunst of van goede praktijk.
Daaruit volgen twee symmetrische gevolgen. Het ene beschermt de voorschrijver, het andere de uitvoerder.
Hun naleving wekt een vermoeden van technische kwaliteit. Wie de norm heeft gevolgd, wordt geacht goed gehandeld te hebben.
Ervan afwijken vergt een technische verantwoording, op basis van proeven of andere overeen te komen bewijzen. Wie van de norm afwijkt, moet aantonen dat zijn oplossing gelijkwaardig is.
Dat is een omkering van de bewijslast, geen verbod. Afwijken blijft mogelijk, maar de kost van de aantoning verandert van kamp.
De tabel van de situaties
| Situatie | Is de norm bindend | Wie moet wat bewijzen |
|---|---|---|
| Geen verwijzing | neen, maar zij geldt als regel van de kunst | wie afwijkt moet technisch verantwoorden |
| Verwijzing in een regelgeving | ja, door de werking van de tekst | niet-naleving is een inbreuk op de tekst |
| Verwijzing in een contract | ja, tussen de partijen | niet-naleving is een contractuele wanprestatie |
In alle drie de gevallen heeft afwijken een kost. Enkel de aard verandert: technisch in het eerste, reglementair in het tweede, contractueel in het derde.
Waarom die architectuur bestaat
Een nuttige verklaring, want zij maakt het systeem begrijpelijk in plaats van willekeurig. De norm beschrijft een middel om een resultaat te bereiken, niet het enige.
Een norm is een technisch document dat snel kan evolueren. Ze op zich verplicht maken zou de stand van de techniek bevriezen en elke alternatieve oplossing beletten, ook betere.
Het verwijzingsmechanisme laat de wetgever toe een doel vast te leggen en de techniek te laten evolueren. Het laat ook toe dat een niet-genormeerde oplossing wordt aanvaard, mits zij wordt aangetoond.
Dat is dezelfde logica als die van de gelijkwaardigheid van Europese normen bij overheidsopdrachten, behandeld in de gids over meetstaat en bestek. Het beginsel verbiedt één oplossing op te leggen zonder verantwoording.
Wat dit betekent voor een professional
Vier regels.
Beantwoord "is die norm verplicht" nooit zonder de context te hebben gevraagd. Het antwoord hangt af van de toepasselijke teksten en de opdrachtdocumenten.
Zoek de verwijzing in plaats van de norm. De verplichting komt van de tekst die aanhaalt, niet van het aangehaalde document.
Behandel een niet-aangehaalde norm als een regel van de kunst. Zij verplicht niet, maar ervan afwijken vergt een technische verantwoording.
Haal aan met nummer en jaartal. Een verwijzing zonder jaartal laat de vraag naar de toepasselijke versie open.
De artikelen van deze tak
Het artikel over vrijwillige en verplicht gestelde normen behandelt de soorten Belgische normen en hun totstandkoming. De twee wegen worden er met hun gevolgen onderscheiden.
Het artikel over de norm aangehaald in vergunning of bestek behandelt het contractuele mechanisme. De redactie van de clausule wordt er toegelicht.
Het artikel over regels van de kunst en aansprakelijkheid behandelt wat geldt bij afwezigheid van elke verwijzing. De band met de tienjarige aansprakelijkheid wordt er uitgelegd.
Het artikel over nagaan of een norm geldt geeft een methode in zes vragen. De methode wordt er stap voor stap beschreven.
Dit artikel geeft de stand van de regels op de controledatum weer en dient als vakinhoudelijke oriëntatie. Het vervangt geen juridisch advies en geen onderzoek van het concrete geval.